2 februari 2010 | plaats: Amsterdam | mw. M.J.A. van der Hoeven |
Duurzame energie
Spreekpunten mw. M.J.A. van der Hoeven, minister van Economische Zaken, bij de opening van het Centrum voor Energievraagstukken (UvA) in Amsterdam, 27 januari 2010
Dames en heren,
- Allereerst felicitaties en dank aan iedereen die heeft bijgedragen aan
de opbouw van het Centrum voor Energievraagstukken. Ik ondersteun uw
initiatief van harte en weet dat hier inmiddels al veel werk is verzet! De
Universiteit van Amsterdam is een mooi onderzoeksinstituut rijker en ik ben
blij dat hier vandaag met u te vieren.
- Ik ben ook blij dat u heeft gekozen voor de term "vraagstukken" in de
naam van uw instituut. Want dat is precies waar we op het terrein van
energie mee te maken hebben: vraag-stukken. Enorme kluiten van kwesties.
Ingewikkelde problemen van wereldwijde omvang, waarbij ieder pasklaar
antwoord bijna per definitie tekort schiet.
- Die imponerende vraagstukken rondom leveringszekerheid, duurzaamheid en
betaalbaarheid dwingen ons steeds op zoek te gaan een balans, tussen
belangen van de een en van de ander, tussen korte en lange termijn, en
tussen regulering en vrije marktwerking.
- Vandaag spreken we over de positie van de consument.
- Die consument, een man of vrouw met vele gezichten, zien we in al onze
afwegingen terug.
- Sterker nog: de energiemarkt is van en voor de consument. Dat willen we
nog wel eens uit het oog verliezen.
- Pas in de late jaren negentig zijn we op energieterrein gaan denken in
termen van vraag en aanbod.
- Je ziet dat de afgelopen tien jaar de focus langzaamaan is gaan
schuiven.
Van de techniek aan de aanbodzijde
- (hoe creëer je een goed functionerende vrije markt?) via de
infrastructuur
- (hoe waarborg je de onafhankelijke rol van de netbeheerder?)
- naar de behoeften aan de vraagzijde
- (hoe kan de energiegebruiker een volwassen rol spelen en komen we
tegemoet aan zijn wensen?).
- Snappen wat de consument beweegt vraagt vooraleerst om analyse. Een
heldere en scherpe blik. Kennis van het internationale speelveld. En een
zekere distantie. Objectief kunnen kijken naar wat gaande is. Een wetenschap
op zich.
- Maar natuurlijk, u weet…en ik weet: dat is het theoretische verhaal. In
de praktijk botsen we ook op tegen emoties.
Want we hebben te maken met mensen.
- Ja, wie zijn die consumenten eigenlijk?
- Zoals ik al zei: de consument kent vele gezichten. Burgers, bedrijven,
overheden: ze zijn allen afnemers van energie. En dus energieconsument.
- Als minister van Economische Zaken zie ik drie belangrijke uitdagingen
op het terrein van consument en energie.
- Ten eerste zien we ons voor de uitdaging gesteld de energiemarkt zo in
te richten dat de consument er wegwijs kan. En zich er ook veilig voelt.
Transparantie, vertrouwen, invloed, fair play: dat zijn sleutelwoorden.
- Toezicht op de energiemarkt is volop in beweging. Het is zaak
onoorbare praktijken een halt toeroepen.
Want ze schaden het vertrouwen en belemmeren dus de werking van de
markt.
- Die marktwerking ontstaat alleen bij een vrije toegang tot de markt.
Helaas zien we dat er in de praktijk nog wel toetredingsdrempels bestaan om
het spel echt mee te spelen. Dat is niet goed.
- Een voorbeeld: ik ben een "profielklant". U, thuis, ook. Daarom
telt ons feitelijke gedrag niet mee op de markt.
Ook al staat het hele elektriciteitsysteem roodgloeiend, we zetten rustig de
vaatwasser aan.
- Dit toont voor mij aan dat de energiemarkt te belangrijk is om enkel en
alleen aan de energiebedrijven over te laten.
Naar mijn idee zouden consumenten (en dan denk ik niet alleen aan de
industrie) een meer actieve rol moeten kunnen gaan spelen.
- Op het moment zie ik in die hoek niet genoeg actie. Mijn voornemen
is dit jaar eens goed te gaan bekijken welke toetredingsdrempels er zijn en
hoe hoog deze daadwerkelijk zijn. Die wil ik dan opruimen. Ook als deze in
de details van regelgeving of in andere kleine lettertjes staan!
- Ten tweede: we willen de effectieve betrokkenheid van de consument bij
het energiebeleid vergroten. Dat willen we niet alleen, nee, dat is een
voorwaarde voor een goed functionerende markt. En ik zie het als een
essentiële voorwaarde voor het laten slagen van de transitie naar een
duurzaam energiesysteem.
- Slimme meters, slimme markten, een efficiënter energiegebruik, thuis, op
de werkplaats en op kantoor.
Al dit streven, al deze vooruitging richting duurzaam, staat of valt met de
bereidheid van de consument om mee te doen. Om zich als marktpartij te
roeren.
- Aan duurzame energie hangt een prijskaartje. Daarmee vertel ik niets
nieuws. Hoe bewegen we de consument ertoe toch te kiezen voor groene
alternatieven?
- De consument, van klein tot groot, kan zelf investeren in duurzame
elektriciteit of gas. De SDE voor zonnepanelen is een succes. Het zou mij
niet verbazen als straks bij de openstelling van de SDE op 1 maart opnieuw
de belangstelling groot is. Ook de 'toverketel' (de WKK voor op zolder), de
warmtepomp en de zonneboiler kan bij de consument rekenen op enthousiasme.
En dan de coöperatieve aanpak: een hele woonwijk die investeert in duurzame
energie. Maar welke praktische problemen levert dat allemaal op? Liggen daar
nog addertjes onder het gras?
- En (meer in het algemeen gesproken) hoe lang moeten we doorgaan met de
subsidiëring van de productie van duurzame energie? Energiepolitiek is
tenslotte een vorm van industriepolitiek. Economisch gezien moet het
uiteindelijk allemaal wel tot profits kunnen leiden. We kunnen niet eeuwig
blijven subsidiëren. Dat lijkt me een gegeven.
- Vragen en vraagstukken te over, u merkt het!
- Maar terug naar onze energieconsument. We zien de 'ideale'
energieconsument dus in de rol van voorvechter van een vrije energiemarkt en
als iemand die bewust kan kiezen voor duurzame energie. Let wel: rationele
afwegingen zullen steeds samengaan met emotie. Ik sprak al over vertrouwen.
Dat is emotie. En als we het hebben over duurzaamheid gaat het ook over
draagvlak. Geloof in de goede zaak. Ook dat is (deels) emotie.
- Emotie is er ook volop op het derde terrein waar energie en consument
samenkomen.
- Ik denk dan aan de zogenoemde NIMBY-dossiers die op dit moment veel
aandacht krijgen. Op het terrein van windenergie, gasopslag en CO2-opslag
bijvoorbeeld. Ik noem u Urk, de Bergermeer en Barendrecht. Daar is veel
weerstand onder de lokale bevolking. Ik heb daar op zich begrip voor.
Tegelijkertijd is het voor een bewindspersoon moeilijk te accepteren dat
weerstand op lokaal terrein belangrijke stappen naar een duurzame
energiehuishouding dreigt onmogelijk te maken.
- We zullen er rekening mee moeten houden dat de energieconsument zich
weliswaar wil committeren aan een duurzaam energiebeleid, maar niet bereid
is daarvoor veranderingen in zijn leefomgeving te accepteren. Daarbij zouden
ook andere overheden wat mij betreft het algemeen belang wat verder mogen
doortrekken dan tot de horizon van hun eigen gemeente.
- Dames en heren, tot slot…
- Graag onderstreep ik dat blij ben met de aandacht voor de
energieconsumenten 'aan de andere kant' van de markt.
- Laten we die aandacht vasthouden!
- Aanbieders van energie en consumenten spelen gelijkwaardige rollen op
hun markt. Dat evenwicht moet ook zichtbaar worden in alle afwegingen:
technisch, beleidsmatig, politiek en emotioneel.
- Wat nodig is, is dat we de positie van de energievrager bekijken in
relatie tot het geheel van ambities op energiegebied, knelpunten in de markt
en relaties tussen alle betrokken partijen.
- Dit nieuwe onderzoekscentrum kan de partijen in een academische omgeving
samenbrengen.
Dat bevordert dialoog, in het onderzoek allereerst, maar dat heeft zeker ook
zijn weerslag in de praktijk.
- De onlangs overleden Franse antropoloog Claude Levi Strauss formuleerde
het als volgt:
o "Elke vooruitgang geeft nieuwe hoop, opgehangen aan de oplossing van
een nieuw probleem. Het dossier wordt nooit gesloten."
[oorspr. "Chaque progrès donne un nouvel espoir, suspendu à la solution
d'une nouvelle difficulté. Le dossier n'est jamais clos."]
- Dat geldt dubbel en dwars voor ons reusachtige energiedossier.
- Ik schetste u een aantal vragen die binnenkort een antwoord gaan vragen.
Zaken om over na te denken. Zaken die nieuwe wetenschappelijke inzichten
verdienen.
- Door bij te dragen aan de oplossing van nieuwe problemen, houdt u hoop
levende. Hoop op een duurzame, betrouwbare en betaalbare energietoekomst.
Een mooiere opdracht kan ik u niet meegeven.
- Ik wens u veel succes met het vinden van uw positie in de
wetenschappelijke markt. En ik hoop van uw lessen te leren.
- Dank u wel.