Rijksoverheid
Exportcontrole strategische goederen

Doorvoerbeleid van Nederland

Hieronder vindt u informatie over exportcontrole over doorvoer van militaire goederen. Een volledig overzicht van het de aard van strategische goederen, het beleid, vergunningen, sondages, meldingen en procedures en de goederenlijsten kunt u vinden op deze website in het linkermenu onder Handboek strategische goederen.

Wat wordt er bedoeld met militaire goederen?

In de Uitvoeringsregeling strategische goederen is bepaald dat als militaire goederen worden aangewezen: de militaire goederen, opgenomen in de Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen, door de Raad aangenomen op 10 maart 2008 (2008/C 98/01). De EU-lijst van militaire goederen is ook te vinden in het Handboek Strategische Goederen dat beschikbaar is via deze website.

Wanneer is er sprake van doorvoer?

In het besluit strategische goederen is 'doorvoer door Nederland' gedefinieerd als: het vervoer van goederen die uitsluitend het Nederlands grondgebied worden binnengebracht om via dat gebied te worden vervoerd naar een bestemming buiten het Nederlands grondgebied.

Doorvoerbeleid

Sinds 1 augustus 2008 is de controle op de export en doorvoer door Nederland van militaire goederen gebaseerd op de Algemene Douanewet, het Besluit strategische goederen en de Uitvoeringsregeling strategische goederen. De teksten van deze wet- en regelgeving zijn te vinden op http://www.wetten.nl/ . Doel van de doorvoercontrole is het creëren van de mogelijkheid om ongewenste transacties tegen te houden en meer inzicht te krijgen in de aard en omvang van de doorvoer van militaire goederen via Nederland.

Voor alle doorvoer van militaire goederen geldt een vergunningplicht zoals die ook bij uitvoer bestaat, behoudens enkele uitzonderingen.
Een belangrijke uitzondering is die voor doorvoerzendingen afkomstig uit of met eindbestemming Australië, Japan, Nieuw-Zeeland, Zwitserland of een van de lidstaten van de EU of de NAVO. Voor deze uitzonderingsgevallen geldt wel een meldplicht. Deze meldplicht heeft als belangrijkste doel het in kaart brengen van de aard en omvang van de doorvoer van militaire goederen over Nederlands grondgebied, maar kan ook informatie genereren die er toe leidt dat een van de vergunningplicht uitgezonderde zending op ad hoc basis alsnog onder vergunningplicht wordt gebracht. Van deze mogelijkheid wordt gebruik gemaakt als er aanwijzingen bestaan dat een zending niet al onder de effectieve controle van het land van herkomst staat, of als een zending tijdens de doorvoer over Nederlands grondgebied een andere dan bij de afgifte van een uitvoervergunning beoogde bestemming lijkt te krijgen.

Uitgezonderd van vergunningplicht en meldplicht zijn voorts het eigen materieel van NAVO-strijdkrachten, de doorvoer zonder aanlanding door de territoriale wateren of het luchtruim van Nederland en de doorvoer van militaire voertuigen, eigendom van of in gebruik bij een krijgsmacht ten behoeve van de bunkering van die voertuigen, of ter gelegenheid van evenementen als staats- of beleefdheidsbezoeken, vlootschouwen of luchtvaartmanifestaties

In de Uitvoeringsregeling strategische goederen is bepaald dat als militaire goederen worden aangewezen: de militaire goederen, opgenomen in de Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen, door de Raad aangenomen op 10 maart 2008 (2008/C 98/01). De EU-lijst van militaire goederen is ook te vinden in het Handboek Strategische Goederen dat beschikbaar is via deze website.In het besluit strategische goederen is 'doorvoer door Nederland' gedefinieerd als: het vervoer van goederen die uitsluitend het Nederlands grondgebied worden binnengebracht om via dat gebied te worden vervoerd naar een bestemming buiten het Nederlands grondgebied.Sinds 1 augustus 2008 is de controle op de export en doorvoer door Nederland van militaire goederen gebaseerd op de , het en de . De teksten van deze wet- en regelgeving zijn te vinden op . Doel van de doorvoercontrole is het creëren van de mogelijkheid om ongewenste transacties tegen te houden en meer inzicht te krijgen in de aard en omvang van de doorvoer van militaire goederen via Nederland.Voor alle doorvoer van militaire goederen geldt een vergunningplicht zoals die ook bij uitvoer bestaat, behoudens enkele uitzonderingen.Een belangrijke uitzondering is die voor doorvoerzendingen afkomstig uit of met eindbestemming Australië, Japan, Nieuw-Zeeland, Zwitserland of een van de lidstaten van de EU of de NAVO. Voor deze uitzonderingsgevallen geldt wel een meldplicht. Deze meldplicht heeft als belangrijkste doel het in kaart brengen van de aard en omvang van de doorvoer van militaire goederen over Nederlands grondgebied, maar kan ook informatie genereren die er toe leidt dat een van de vergunningplicht uitgezonderde zending op ad hoc basis alsnog onder vergunningplicht wordt gebracht. Van deze mogelijkheid wordt gebruik gemaakt als er aanwijzingen bestaan dat een zending niet al onder de effectieve controle van het land van herkomst staat, of als een zending tijdens de doorvoer over Nederlands grondgebied een andere dan bij de afgifte van een uitvoervergunning beoogde bestemming lijkt te krijgen.Uitgezonderd van vergunningplicht en meldplicht zijn voorts het eigen materieel van NAVO-strijdkrachten, de doorvoer zonder aanlanding door de territoriale wateren of het luchtruim van Nederland en de doorvoer van militaire voertuigen, eigendom van of in gebruik bij een krijgsmacht ten behoeve van de bunkering van die voertuigen, of ter gelegenheid van evenementen als staats- of beleefdheidsbezoeken, vlootschouwen of luchtvaartmanifestaties

Doorvoer van kleine en lichte wapens

Naast de bepalingen voortkomende uit het Besluit strategische goederen kan de importeur/exporteur van kleine en lichte wapens in aanraking komen met de bepalingen van de Wet wapens en munitie. Deze wet valt onder de verantwoordelijkheid van de minister van Justitie. Op basis van deze wet kan in bepaalde gevallen een consent nodig zijn voor het doen binnenkomen, doen uitgaan of de doorvoer van wapens en munitie die onder het bereik van de wet vallen. Indien zowel een consent als een melding vereist is, volstaat een consentaanvraag. Een aanvraag ter verkrijging van een consent tot binnenkomen, bedoeld in artikel 14 van de Wet wapens en munitie, te raadplegen via http://www.wetten.nl/ geldt als een melding inzake de doorvoer door Nederland, bedoeld in het eerste lid, en dient te worden ingediend bij de Belastingdienst/Douane Noord/Centrale Dienst voor In- en Uitvoer (CDIU). Voor het overige ligt de uitvoering van deze wet bij het Hoofd van het politiedistrict waaronder u ressorteert

De praktijk

Stel u wordt ingeschakeld om het vervoer te regelen voor een tank die in Zweden staat en via Rotterdam naar Marokko moet. U hoeft geen doorvoervergunning aan te vragen omdat Zweden een EU-lidstaat is. Wel moet u de zending melden bij de CDIU aangezien tanks op de militaire lijst staan. Deze meldplicht staat los van de tijd dat het goed op Nederlands grondgebied verblijft.

Stel nu dat het in plaats van een tank, een mitrailleur betreft. U hoeft geen doorvoervergunning aan te vragen onder het Besluit strategische goederen aangezien Zweden een EU-lidstaat is, wel bent u weer verplicht tot het melden van de zending. Tevens bent u verplicht een consent aan te vragen voor doorvoer. Mitrailleurs vallen immers onder de Wet wapens en munitie en Zweden is een EU-lidstaat. In dat geval volstaat een consentaanvraag. Deze geldt automatisch ook als melding

Een vergunning aanvragen of een melding doen

Aanvragen voor vergunningen voor doorvoer doorlopen dezelfde procedure als uitvoervergunningen. Vergunningaanvragen kunnen  dus worden ingediend bij de CDIU en zullen worden getoetst aan de EU Gedragscode voor wapenexport en de daarin vermelde 8 toetsingscriteria.
Voor het aanvragen van vergunningen en consenten bestaan standaardformulieren, deze zijn beschikbaar via deze website via de menuoptie links aanvraagformulieren of aan te vragen bij de CDIU. Consent aanvraagformulieren (voor kleine- en lichte wapens) zijn tevens bij de korpschef van de politieregio verkrijgbaar (afdeling Bijzondere Wetten).

Na ondertekening dient u het formulier per post te sturen aan:
Belastingdienst / Douane Noord
Centrale Dienst voor in- en uitvoer
Postbus 30003
9700 RD Groningen

Een melding kunt u doen bij de CDIU. Voor meldingen bestaat geen standaard formulier. Wel moet uit de melding duidelijk worden
a. wat het land van herkomst is en of aldaar een uitvoervergunning is verstrekt;
b. wat het land van bestemming is en wie aldaar de ontvanger c.q. eindgebruiker is; en
c. alle gegevens die noodzakelijk zijn om de goederen waarop de melding betrekking heeft  en de plaats waar zij zich bevinden
    ten tijde van de melding te kunnen identificeren.

Waar kan ik terecht met vragen?

Voor nadere informatie, het aanvragen van vergunningen en consenten en het doen van meldingen kunt u zich wenden tot: Belastingdienst / Douane Noord
Centrale Dienst voor in- en uitvoer
Postbus 30003
9700 RD Groningen
tel: 050 - 523 2600
fax: 050 - 523 2183

.